Afrikanieuws

John Vandaele – MO.be. Het project ECOmakala van het Wereldnatuurfonds en het bijhorende Goma-Stove wil de houtskoolproductie en dus de houtkap in het Virungapark afremmen. Makkelijk is dat niet want de situatie is bijzonder. De stad Goma, het vlakbij gelegen Virungapark (Afrika's eerste natuurpark) en de bewogen geschiedenis van de voorbije decennia zijn nauw met elkaar verbonden en hebben een bijzondere bedreiging geschapen voor het park. Goma explodeerde van 150.000 inwoners in 1985 naar het huidige (haast een) miljoen inwoners omdat de Rwandese genocide en de bijhorende vluchtelingenstromen, de daarop volgende oorlogen en gevechten vele mensen naar de stad deden migreren. De snel toegenomen bevolking had en heeft als voornaamste brandstof houtskool ofte makala (ook al zit er een enorme tot dusverre onontgonnen gasbel onder het Kivumeer waaraan Goma gelegen is). Omdat de omliggende heuvels tot de vruchtbaarste landbouwgronden van Afrika behoren, ligt de bevolkingsdichtheid er vrij hoog en zijn er buiten het park niet veel wouden meer. En dus kan die houtskool bijna alleen maar van het door de Unesco als werelderfgoed erkende Virungapark komen. Dat hebben we geweten: op bepaalde plaatsen, zoals ten oosten van Burungu, is de houtkap al bijzonder diep doorgedrongen in de wouden van het Virungapark. Gewapende groepen financieren zichzelf door de houtkap en het is voor de bewakers van het Virungapark een riskante bezigheid om die milities aan te vallen. Geregeld vallen er slachtoffers. Bomen aanplanten Een alternatief voor de houtskool uit het park bedenken, lijkt de meest voor de hand liggende “oplossing”. Zo probeerde Emmanuel de Mérode, directeur van het Virungapark, een tijdlang een heuse lokale industrie van plantaardige briquettes te creëren: briquettes gemaakt van plantaardig afval zouden in de omgeving van het park geperst worden en moesten het houtskool vervangen. Echt succesvol is het initiatief nooit geweest omdat de briquettes te veel rook en te weinig [...]
Wed, Jan 17, 2018
Source: Afrikanieuws
Aart van der Heide. Een verblijf van 3 weken in Mali levert een verwarrende indruk en dus ook herinnering op. Bezoeken aan Bamako en Segou geven de indruk dat er niet veel aan de hand is. Terwijl twee-derde van het land bezet wordt door bandieten en jihadisten lijkt de situatie in het gebied gecontroleerd door de regering rustig. Maar Westerse ambassades waarschuwen zelfs in Bamako voor de onveiligheid. Reizigers uit Europa en Amerika die tot aan Segou reizen spreken over een normale situatie die ogenschijnlijk in deze gebieden heerst. Goed geïnformeerde Malinezen zeggen zelf dat de staat geen controle meer heeft of “l'Etat a perdu son influence et il n'existe plus d'autorité dans le pays!”. Mijn bedoeling was om met het openbaar vervoer naar Mopti te gaan. Vooral Malinese vrienden hebben me ervan overtuigd dit niet te doen. Overvallen door bandieten die zeker via mobiele telefoons geïnformeerd kunnen worden zijn niet uitgesloten. Aan de oppervlakte lijkt alles kalm maar daaronder zit de grote onzekerheid. Enkele dagen voor de jaarwisseling wordt een overval door bandieten buiten Sevare gemeld. Vele mondelinge uitspraken en ook kranten melden dat de Malinese overheid de controle op het platteland geheel kwijt is. “Il n'y a plus d'autorité”. Ik zit in Segou in het hotel van een Duits echtpaar die vanwege veiligheidsredenen in Senegal verkeren. Zij zijn met stille trom vertrokken omdat zij vrezen een doelwit voor overvallers te worden. De Duitse ambassadeur heeft een bericht laten uitgaan naar alle Duitsers dat ieder gebied buiten Bamako gevaarlijk of “rood” terrein is. Ik vraag de Duitse eigenaar via internet of mijn verblijf gevaar loopt. Hij geeft mij een bot antwoord. Ik besluit terug naar Bamako te gaan. Ik ga dus niet met de bus naar Mopti want niemand kan de kans op een overval met zekerheid voorspellen. In de NRC en [...]
Sun, Jan 14, 2018
Source: Afrikanieuws
Mart Hovens. De urbanisatie van Kinshasa (Democratische Republiek Congo) neemt dramatische vormen aan. De populatie wordt momenteel op 12 miljoen geschat. Iedere dag komen er meer dan 1000 inwoners bij. Ze komen van het verarmde platteland of uit de vele conflictgebieden. Kinshasa is inmiddels de grootste francofone stad ter wereld. Het veranderde van Kin la Belle (Kin de Mooie) naar Kin la Poubelle (Kin het Vuilnisvat). De grote verkeersaders richting het centrum zitten vol gaten en staan vol voertuigen. Aan weerszijden hoopt het vuilnis zich op. Meestal staat de verkeersstroom muurvast. De passagiers van de uitpuilende busjes (Esprit de Vie, maar meestal verbasterd tot Esprit de Mort) stappen dan uit en lopen de kilometers die hen van het centrum scheiden. Ze wurmen zich langs de files want er zijn geen voet- of fietspaden. In de oneindige volkswijken onderweg lijken de huisjes tussen de modderpaadjes op elkaar gepropt. Duizenden mensen bewegen zich tussen de plassen en afvalhopen. Het is daarom niet verwonderlijk dat op het Kinsuka kerkhof golfplaten hutjes tussen de graftomben verschijnen. De kerkhofbeambten worden omgekocht en tussen de doden houdt men zich in leven met al dan niet obscure bezigheden. Overal in de stad worden kavels op willekeurige wijze en voor steeds meer smeergeld verdeeld. Het is de urbanisatie van de armoede. Voeger bouwde men de huizen om de moerassige plaatsen in de stad heen, die waren er voor de verbouw van gewassen. Later verschenen hier legerkampen die het rijke centrum van de volkswijken moesten afschermen. Nu is het er volgebouwd met huizen voor de rijkeren. De stroompjes in de moerassen zijn omgeschakeld naar afvoergoten voor menselijk en huishoudelijk afval. Nergens worden deze open rioleringen gekanaliseerd. Bij plensbuien treden ze buiten hun oevers. Vorige week donderdag was er een geweldige stortregen. Hele wijken hebben onder water gestaan. Modderstromen hebben de schamele hutten op [...]
Sat, Jan 13, 2018
Source: Afrikanieuws
Bookmark the permalink.

Comments are closed

  • Nu op Africa Web TV