Een nare nepwaarheid

Mart Hovens. Ik heb een groot deel van mijn leven in de ontwikkelingssamenwerking gewerkt. Ik wilde solidariteit tonen met de mensen die het minder goed getroffen hadden. Dit in de overtuiging dat wij iets teruggaven van wat we in de eeuwen daarvoor genomen hadden.

In de Guardian stond onlangs een artikel dat die nepwaarheid ontkrachtte. Wij, de rijke landen, geven inderdaad genereus een deel van onze welvaart aan de arme landen. De rijke landen (verenigd in de OESO) geven momenteel jaarlijks 125 miljard $ aan ontwikkelingshulp. En hoewel dat bedrag afneemt, voelen we ons daar goed bij.

De Global Financial Integrity (GFI) en het Centre for Applied Research van de Norwegian School of Economics berekenden onlangs dat in 2012 in totaal 1,3 biljoen $ aan hulp, investeringen en overzeese overmakingen naar ontwikkelingslanden ging. Echter, in datzelfde jaar vloeide 3,3 biljoen $ terug naar de rijke landen. Netto ontvingen de welvarende landen dat jaar dus 2 biljoen van de armlastige landen. De schatting is dat dat sinds 1980 zo’n 16,3 biljoen $ is, ofwel ruwweg het BNP van de VS. Rijke landen ontwikkelen niet de arme landen, maar omgekeerd!

Hoe kan dat, waar zit hem dat in? Een deel (4,2 biljoen $) bestaat uit het aflossen van leningen, vaak aangegaan door eerdere corrupte regimes in de ontwikkelingslanden. De banken in New York en Londen profiteren hiervan. Een ander deel komt uit de winsten op de investeringen die gemaakt zijn. Deze winsten, bv van Shell uit de oliewinning in Nigeria of Anglo-American uit de goudmijnen van Congo, verdwijnen grotendeels naar de moederlanden.

Het grootste deel van het geld, naar schatting 13,4 biljoen $ sinds 1980, stroomt terug via kapitaalvlucht, witwassen en vooral belastingontwijking. Winsten worden illegaal of op semilegale wijze van de ene naar de andere dochtermaatschappij in het ene of andere land verplaatst, altijd met het doel om zo weinig mogelijk belasting te betalen.

Al met al worden deze schimmige geldstromen vanuit de ontwikkelingslanden momenteel geschat op zo’n 3 biljoen $ per jaar. Dat is 25 maal de ontwikkelingshulp. Waarom dus nog palaveren of we 0,7% van ons BNP aan ontwikkelingshulp besteden (een bedrag dat we overigens al jaren niet meer halen)?

Ontwikkelingslanden hoeven geen liefdadigheid van onze overheid of van grote bedrijven. Zij hebben behoefte aan gerechtigheid, zoals eerlijke handel en tax justice. De vraag is of de grote bedrijven en banken dat willen geven. De vraag is ook of de lokale macho presidenten dat willen claimen. Van de kruimels van deze geldstromen leiden ze immers een luxe leven. Een nare waarheid.

Bookmark the permalink.

Comments are closed

  • Nu op Africa Web TV