Ghanese migranten willen naar Libië, ondanks horrorverhalen

Kwaku Botwe – IPS. Ondanks berichten over slavenkampen en mishandeling reizen West-Afrikaanse migranten nog steeds af naar Libië. Nazir Mohammed is inmiddels al zeven jaar terug in Ghana, en denkt er niet over de gevaarlijke reis nogmaals te ondernemen.

De 30-jarige Nazir Mohammed zit op de bank in zijn kamer in Kwame Danso, een kleine stad zo’n 290 kilometer ten noorden van de Ghanese hoofdstad Accra. “Libië biedt geweldige economische kansen voor West-Afrikaanse migranten, maar de mensenrechtenproblemen, vooral voor donkere Afrikanen, zijn groot”, zegt hij. “Ik zou zelfs mijn ergste vijand niet adviseren naar Libië te gaan”.

Mohammed is een van de 19.000 Ghanezen die zeven jaar geleden uit Libië werden gerepatrieerd. Hij vertrok van huis op zijn drieëntwintigste, met een diploma van de middelbare school op zak. Een paar maanden eerder was zijn vader overleden en hij voelde zich als oudste zoon verantwoordelijk voor de zorg voor zijn moeder en de vier andere kinderen.

“Ik hoorde dat je met 500 cedi (ongeveer 90 euro) naar Libië kon. Dus ging ik in de bouw werken om het geld bijeen te krijgen”, zegt hij. “Mijn moeder en de rest van het gezin merkten pas wat ik plan was toen ik belde. Toen was ik al halverwege mijn reis. Ze moest huilen, maar later ging ze voor me bidden. Want ze kon niets anders doen.”

De meeste jongeren vertrekken zonder hun familie in te lichten, omdat ze weten dat ze weinig steun krijgen voor hun risicovolle reis. Onder de ongeveer een miljoen migranten die vast zitten in Libië, zitten er veel uit Ghana, Senegal, Nigeria en Ivoorkust. Mohammed komt uit Brong Ahafo, in het midden van Ghana. Onder de Ghanese migranten in Libië komt het grootste deel uit deze regio. Net als Mohammed zien velen van hen Libië als een transitpoint naar Europa.

Ghanese docenten
De geschiedenis van de Ghanese migranten in Libië gaat terug tot de jaren 1980. De Ghanese regering tekende toen een bilateraal akkoord met Libië, zodat tweehonderd Ghanese docenten Engelse les konden geven in Libië, zeggen Leander Kandilige en Geraldine Adiku, onderzoekers van het Centre for Migration Studies van de Universiteit van Ghana.

Deze afspraak kwam in een periode dat illegale immigranten – voornamelijk uit West-Afrikaanse landen – massaal Nigeria werden uitgezet in 1983. Daaronder bevonden zich ook bijna twee miljoen Ghanezen.

Aanvankelijk boden de Libische autoriteiten alleen werk aan hoog opgeleide Ghanese immigranten.
Maar omdat er ook werk was voor lager opgeleiden, kwamen veel Ghanezen naar Libië via informele routes zoals de Sahara. Een gevolg was dat de Libische autoriteiten de illegale migratie probeerden te stoppen en mensen gedwongen uitzetten.

Voor de politieke crisis in Libië in 2011 hadden de Libische autoriteiten al te maken met illegale migratie en agressie tegen zwarte migranten. In 2006 begon de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) een programma voor vrijwillige terugkeer uit Libië, gericht op migranten zonder papieren uit diverse landen.

Statistieken van het ministerie van Buitenlandse Zaken en Regionale Integratie laten zien dat op 8 oktober 2000 de eerste groep van 238 Ghanezen in Ghana aankwam. Zij vertelden trieste verhalen over mensenrechtenschendingen. En nog steeds keren er Ghanezen terug met soortgelijke verhalen. Afgelopen jaar waren dat er 565.

Muammar Khadaffi
De grootste evacuatie vond echter plaats in 2011, in de hitte van de Libische crisis. De IOM schat dat er in dat jaar ongeveer 19.000 Ghanezen terugkeerden naar Ghana. Veel migranten vertelden dat de toegenomen vijandigheid ten opzichte van zwarte Afrikanen bijdroeg aan deze exodus. Met de toenemende politieke instabiliteit en de val van het regime van Muammar Khadaffi, nam ook de agressie tegen Afrikanen toe. Een deel van de Libiërs beschuldigde Khadaffi ervan deze groep in te zetten als huurlingen, en hen een zekere bescherming te bieden.

“Als zwarte Afrikaan liep je gevaar”, zegt Mohammed. Hij zegt dat veel migranten alles achterlieten, inclusief een paar maandsalarissen. Het was volgens hem gebruikelijk dat bedrijven migranten twee maanden salaris uitbetaalden, als ze al zes maanden gewerkt hadden. Dat betekende dat migranten altijd een paar maanden achterliepen met de uitbetaling van hun salaris.

“Ik had geluk omdat ik hulp kreeg van een soldaat die ik Engelse les had gegeven. Hij bracht mij en mijn vriend helemaal van Benghazi naar Egypte, waar de evacuatievliegtuigen vertrokken. Toen ik in Ghana aankwam had ik maar 500 cedi (90 euro). Van het bedrijf had ik nog 7.000 cedi (1.250 euro) tegoed”, zegt hij bitter.

Een zware reis
De meeste migranten uit West-Afrika reizen via de woestijn om Libië binnen te komen. Daardoor zijn ze kwetsbaar voor mensenhandelaren. Mohammed zegt dat criminelen migranten opwachten bij de grens en ze naar zogenoemde slavenkampen brengen. Daar worden ze vastgehouden, inhumaan behandeld en krijgen ze net genoeg eten om in leven te blijven, met als doel losgeld te innen.

Ook Mohammed heeft daarmee te maken gehad, zegt hij. Hij moest zijn familie bellen en onder druk zetten om losgeld te betalen. “Mijn moeder was bang dat ik vermoord zou worden. Maar ik heb haar ervan verzekerd dat het goed zou komen als het geld kwam.”

Volgens Mohammed heeft zijn stiefvader 300 cedi (50 euro) opgehoest, en werd hij daarna vrijgelaten. Maar hij voegt eraan toe dat andere gevangenen soms veel meer moesten betalen.

Einddoel Europa
Eenmaal uit het slavenkamp, was het volgende probleem genoeg geld verkrijgen om naar de Libische hoofdstad Tripoli gesmokkeld te worden. Tripoli bereiken is cruciaal voor wie Europa als einddoel heeft, omdat de stad relatief dichtbij Italië ligt.

“Ik deed gevaarlijk werk, zoals het tillen van beton”, zegt Mohammed. De reis naar Tripoli was een nachtmerrie. “We zaten als sardientjes achterin een pick-up geplakt, met een dekzeil erover. Het was vreselijk warm en de weg was slecht. Toen ik in Tripoli aankwam, kon ik niet staan. Ik voelde mijn benen niet meer en dacht dat ik een zonnesteek had.”

In Tripoli kon Mohammed geen fatsoenlijk werk vinden. Daarom vertrok hij naar Benghazi, waar hij allerlei baantjes had om geld te verdienen voor de reis naar Europa. Die hoop vervloog toen de burgeroorlog uitbrak.

Slavenmarkten
Dat migranten in Libië verkocht worden op slavenmarkten, wordt ontkend door de Libische autoriteiten. Zij beschuldigen de media ervan Libië ten onrechte af te schilderen als een racistisch land. Mohammed zegt echter niet te twijfelen aan het verhaal.

Sinds 2012 werken internationale organisaties in Brong Ahafo aan de re-integratie van teruggekeerde Ghanezen. Ook wijzen ze op de risico’s van ongereguleerde migratie.

Mac Simpson, een Ghanese docent in Libië en expert op het gebied van migratie en mensenhandel, zegt dat van de 2.000 Ghanese migranten die in de afgelopen vier jaar op zee omkwamen op weg naar Europa, er 1.600 uit de regio Brong Ahafo kwamen.

Sommige mensen delen op sociale media video’s van mishandeling van migranten in Libië, in de hoop daarmee migratie te ontmoedigen. Maar Simpson, die zelf langer dan twintig jaar geleden de gevaarlijke reis ondernam en drie boeken schreef over migranten in Libië, zegt dat dergelijke video’s weinig impact hebben.

Tovenarij
Jongeren zullen het risico blijven nemen, zegt hij. Zo lang ze geen goed werk in Ghana kunnen vinden, blijft Libië lonken. “Als je iemand uit Brong Ahafo wil overtuigen niet naar Libië te komen, moet er tovenarij aan te pas komen. We hebben met teruggekeerde jongeren daar gepraat en gevraagd wat reden genoeg zou zijn om er te blijven. Een van die jongeren zei: als ik een taxi heb. Dus hebben we een taxi voor hem gekocht. En hij werkt er nog steeds als taxichauffeur.”

Simpson, die momenteel in Ghana is, zegt dat hij in gesprek is met het ministerie van Onderwijs in de hoop zijn boek The Cemetery without Graves, dat gaat over de problemen van migranten, op scholen te introduceren. Hij denkt dat het wel enige impact kan hebben als de boodschap om thuis te blijven op jongere leeftijd wordt gebracht.

Mohammed heeft op eigen houtje weer werk gevonden als onderwijzer in Ghana. “Het salaris is niet zo goed, maar we kunnen ervan leven”, zegt hij.

Bookmark the permalink.

Comments are closed

  • Nu op Africa Web TV