Groei Rwandese economie sterk verweven met machtspolitiek

Marie Berry en Laura Mann – IPS. Rwanda heeft zich sinds de gruwelijke genocide van 25 jaar geleden ontwikkeld tot een bloeiende economie, een model voor economische ontwikkeling. Tegelijkertijd krijgt de regering van president Paul Kagame kritiek vanwege zijn autoritaire tactieken en het geweld tegen tegenstanders.

Dat zeggen Marie Berry en Laura Mann, verbonden aan de University of Denver en de London School of Economics.

Rwanda valt op om veel goede dingen. Het land telt wereldwijd het hoogste aantal vrouwen in de politiek. Meer dan de helft van de parlementariërs is vrouw. Het land staat ook bekend om zijn innovatieve technologiegebruik bij dienstverlening, zoals bijvoorbeeld het leveren van bloed aan ziekenhuizen. Rwanda heeft een uitgebreide internetinfrastructuur, die 95 procent van het land bereikt. En natuurlijk de indrukwekkende economische groeicijfers.

Maar er zijn redenen om goed te kijken naar de bredere context. Enkele jaren geleden hebben we al geschreven over de politieke motivatie achter de ontwikkeling van Rwanda. Veel van wat we toen constateerden, geldt nog steeds.

Politieke motieven
Ons onderzoek helpt ons begrijpen waarom Rwanda enerzijds gezien wordt als ontwikkelingswonder en anderzijds als internationale paria vanwege zijn autoritaire tactieken. Markten dienen als ruimten die de Rwandese staat gebruikt om zijn macht te vergroten. Met andere woorden, groei en sociale controle gaan hand in hand.

Twee punten vragen om een nadere beschouwing in het geval van Rwanda. Als eerste is het van belang de politieke motieven achter de Rwandese ontwikkelingsprioriteiten te begrijpen. Ten tweede is het van belang kennis te nemen van de Rwandese geschiedenis, met name de geschiedenis van geweld.

Kapitalisme en ontwikkeling
Politieke motieven hebben altijd invloed op economische ontwikkeling. De opkomst van bedrijfsmatig denken in ontwikkelingskringen heeft de neiging die realiteit te verdoezelen. Deze manier van denken ziet ontwikkeling als een technocratische uitdaging en portretteert markten als apolitieke ruimten waar ‘economie’ kan werken.

Debatten bij de Wereldbank, het VN-Ontwikkelingsprogramma en andere internationale ontwikkelingsorganisaties, suggereren dat staten politiek opzij moeten zetten als ze serieus aan ontwikkeling willen werken.

Deze benadering ziet echter een grote hoeveelheid literatuur uit de sociale wetenschappen over het hoofd. Daarin staat dat, historisch gezien, het verdiepen van de macht van de staat de basis vormt voor kapitalistische groei. Sociologen en historici laten zien hoe de expansie van de Europese staatsmacht het raamwerk leverde voor coördinatie in de private sector en de ontwikkeling van markteconomieën.

Kolonialisme
Wetenschappers hebben ook laten zien hoe snelgroeiende Aziatische tijgers profiteren van een zeker door de staat gestuurd kapitalisme. In deze gevallen worden afhankelijkheidsrelaties gesmeed tussen politieke leiders en ondernemers. In beide gevallen was ontwikkeling het gevolg – en een ingrediënt – van bredere consolidatie van staatsmacht.

Er zijn discussies over de vraag of het staatsgeleide model van ontwikkeling herhaald kan worden in Afrikaanse landen. Sommigen beweren dat Afrikaanse politieke systemen minder geschikt zijn voor dit model van ontwikkeling, als gevolg van de arbitraire manier waarop Afrikaanse staten zijn gevormd en de belemmering van inheemse kapitalisten tijdens het kolonialisme. De consequentie daarvan is wat sommige wetenschappers benoemen als een roofzuchtige relatie.

Maar sommige landen, inclusief Rwanda, hebben succesvolle joint ventures tussen de staat en de regerende partij gevormd om zo investeringen te doen op gebieden die prioriteit hebben, terwijl tegelijkertijd meer openlijke en onproductieve vormen van corruptie werden aangepakt op lagere niveaus.

Een geschiedenis van geweld
De recente geschiedenis van Rwanda kenmerkt zich door periodes van wijdverbreide onveiligheid, die de regering op het huidige ontwikkelingspad hebben gezet.

De belangrijkste veiligheidsdreiging is de erfenis van het Hutu-sektarisme, dat in de jaren 1990 de genocide in gang zette. Andere bedreigingen voor het bestuur van Kagame zijn oppositiebewegingen zoals het Rwandese Nationale Congres, en de voortdurende instabiliteit in buurland de Democratische Republiek Congo.

De regering heeft een reeks maatregelen genomen om die bedreigingen te verminderen. Sommige zijn zeer duidelijk, zoals de zichtbare veiligheidstroepen her en der in het land. Andere zijn subtieler. Een voorbeeld daarvan zijn de sociale uitkeringen (zoals cash-betalingen aan de armsten onder de bevolking), die gebruikt worden om frustratie te verminderen onder Rwandezen die buiten de boot vallen in de zich ontwikkelende samenleving.

Overdrijving van gevaren
Maar de regering heeft ook de neiging om potentiële dreigingen te overdrijven. Daarmee rechtvaardigt zij de militarisering bij de Rwandese grenzen en het groeiende aantal acties van veiligheidsdiensten. Een goed voorbeeld daarvan is het recente besluit van de regering om de noordelijke grens met Oeganda te sluiten en een negatief reisadvies te geven aan burgers.

Onder de noemer veiligheid past dit besluit in een patroon van andere overdrijvingen die groeiende militarisering rechtvaardigen. Kagames opmerkingen aan het adres van Oeganda hebben bij sommigen geleid tot zorgen over een mogelijke militaire aanval om de Oegandese regering te destabiliseren.

Wat is dan het verband tussen de tendens tot verdere militarisering van gebeurtenissen, en ontwikkeling?

Politiek-militaire elite
We kunnen zeggen dat de ontwikkeling van markten geholpen heeft om de macht te consolideren van een politiek-militaire elite die aan het roer van de economie staat. Investeringen en industrieel beleid hebben een robuuste groei in gang gezet. Tegelijkertijd werd die versterkt door nauwe banden met de inner circle van de regerende partij.

Dat wil niet zeggen dat de Rwandese overheid die groei en het aantrekkelijke investeringsklimaat niet heeft gebruikt om infrastructuur te bouwen, sociale dienstverlening te verbeteren en verdere transformatie te stimuleren. Haar capaciteit om respect en loyaliteit af te dwingen van de bevolking hangt direct samen met de weg van duurzame groei. Toch heeft economische transformatie in Rwanda, net als transformatie in alle andere landen in de wereld, een politieke logica. En er reflecteert een patroon in van politieke consolidatie en klassenconsolidatie.

We moeten nog afwachten hoe duurzaam dit model is in een context van trage of ongelijke ontwikkeling, en in een wereldeconomie waarin de uitdaging van echte structurele transformatie steeds groter wordt. Ondanks de nadruk die de regering legt op ontwikkeling, zijn veel Rwandezen nog steeds erg arm en hun toetreding tot de markten gaat vaak samen met frequente en ingrijpende staatsbemoeienis met hun leven.

Bron: The Conversation

Bookmark the permalink.

Comments are closed.

  • Nu op Africa Web TV