Hoe de introductie van een meerpartijendemocratie in Mali een fiasco werd

Aart van der Heide. Vraag een willekeurige Malinees wat hij of zij over de introductie van de meerpartijendemocratie denkt dan krijg je altijd een negatief antwoord. Leden van het nationale parlement – de Assemblée Nationale – en ook de leden van de politieke partijen zullen deze vraag omzeilen of een positief antwoord geven.

Deze vorm van democratie werd in 1991 ingevoerd. Ik woonde toen in Mali en maakte dus de opkomst en daarna de teruggang mee in mijn eigen omgeving in Bamako en Noord Mali. Op dit moment bestaat deze vorm van democratie vooral in intellectuele en politieke kringen. Of er sprake is van enige vorm van democratie daaraan wordt door velen getwijfeld? De huidige president werd vorig jaar slechts door 25% van de kiesgerechtigden gekozen.

Hoe was Mali begin jaren 1990?
Moussa Traore (GMT) die 23 jaar president was kwam in 1990 na een volksopstand ten val. Mitterrand had hem al aan de kant gezet op de conferentie van La Baule. Frankrijk heeft bij die gelegenheid het verstrekken van hulp gekoppeld aan de invoering van het systeem van meerpartijendemocratie. GMT werd door Amadou Toumani Touré of ATT vervangen. ATT behoorde tot zijn lijfgarde en was opgeleid in Frankrijk. In Zuid-Afrika was Nelson Mandela vrijgelaten. De muur van Berlijn was gevallen. In Afrika was de tegenstelling Oost-West verdwenen. Het westen propageerde hun politieke systeem: invoering van de parlementaire democratie. Bamako was op dat moment een stad waar overal groepen in de wijken vergaderden en hun partij steunden. Het voelde als een stad waar een radendemocratie ontstond. Ik herinner me die tijd als geweldig. In 1991 werden er de eerste vrije presidentsverkiezing gehouden. Het was al bekend dat de partij ADEMA zou winnen en hun kandidaat Alpha Oumar Konaré werd als eerste de gekozen president. De westerse landen waren euforisch over dit gebeuren. Mali bruiste van deze historische gebeurtenis.

Waar wij westerlingen nooit rekening mee hebben gehouden
Dat Mali nog geen 50 jaar onafhankelijk was. Verder dat de grenzen op de politieke tekentafel in Parijs waren ontworpen. Ook dat meer dan 50% van de bevolking analfabeet was. Een heel belangrijk gegeven was dat wij nooit de traditionele democratie, die vooral op het platteland bestond, niet serieus namen en eigenlijk niet kenden. Wij westerlingen noemden die “onderontwikkeld” maar vergelijk ik die wat bijv. David van Reybrouck in zijn boek “Tegen Verkiezingen” zegt dan is deze traditionele democratie eigenlijk heel modern. Er wordt pas een beslissing genomen als alle groepen zijn gehoord.

De huidige situatie
Mali heeft het parlementaire systeem van Frankrijk overgenomen. De taal waarin dat gebeurt is het Frans. In Mali hoor ik vaak dat dit systeem door het westen is opgedrongen na de val van de muur. Het parlement in Mali – Assemblee Nationale – zetelt in Bamako. Er zijn veel politieke partijen maar geen enkele partij heeft een duidelijk programma. De leider bepaalt de sympathie die de kiezers voor een partij hebben. In december jl. vond een debat op de nationale televisie plaats tussen parlementsleden en journalisten waarbij de parlementsleden o.a. werd verweten dat zij net marktkooplieden waren die hun pinda’s aan de hoogstbiedende verkopen. Zelf heb ik meegemaakt dat bepaalde politieke partijen een briefje van CFA 5.000 (€7,50) aan de vele arme mensen gaven en daarmee hun stem kochten. Het parlement vertegenwoordigt de bevolking niet, omdat slechts + 25% van de kiesgerechtigden gebruik maakt van zijn of haar kiesrecht. Bovendien wordt door de huidige onveilige situatie in veel gebieden eenvoudigweg niet gestemd. Allerlei bandietengroepen maken op dit moment het midden en noorden onveilig. Men neemt aan dat deze groepen autonoom opereren of steun vanuit de golfstaten krijgen of vanuit de buurlanden om zich tegen de centrale regering in Bamako te keren. Veel bandieten zijn lokale jongeren die in onze taal de “losers” worden genoemd. Zij hebben nooit van de ontwikkeling geprofiteerd. Zij hebben geen diploma’s gehaald. Zij hebben geen goede baan bij de overheid of de vele NGO gekregen. Het banditisme is hun enige alternatief. Vaak noemen zij zich jihadistisch maar de echte kenners van de Islam weten dat deze godsdienstvrede en veiligheid en respect van de naaste predikt.

De houding van de Nederlandse regering.
Deze is bekend. Zij hebben ten volle deze ontwikkeling gestimuleerd en met veel geld gesteund. De Nederlandse ambassade in Bamako voert uit wat Den Haag hen opdraagt. Zij stimuleren en ondersteunen de invoering van dit democratische model. Ook al weten ze dat deze introductie gefaald heeft zij moeten doorgaan met deze ondersteuning van de versterking van de moderne rechtsstaat, de versterking van de parlementaire democratie en andere activiteiten. Zij doen dit in naam van Nederland maar mijn vraag aan hen is altijd of ze dat doen in naam van alle Nederlanders?
Ik zal een voorbeeld geven. Het betreft de financiering van de NIMD (Netherlands Institute for Multiparty Democracy). Dit instituut werd gesticht door een aantal politieke partijen uit Nederland en wordt grotendeels door de Nederlandse regering gefinancierd. Zij ondersteunen de leden van het Malinese parlement. Hun kantoor is gevestigd in het gebouw van het parlement. Het hoofd van dit instituut was eerst politiek medewerker en woordvoerder van de Nederlandse ambassade in Bamako. Ik vergelijk dit met moderne missie en zendingspraktijken.
Een voormalig NIMD-medewerker die onderzoek heeft gedaan naar de democratische bewegingen op het platteland schreef openlijk over de “façade democratie”.
Veel Malinezen begrijpen dit. Of ze zijn te arm om zich een goede mening te vormen. Of ze houden hun mond omdat je niet de hand bijt die je voedt.

Wie bepaalt de politiek?
Zelf heb ik onder Moussa Traore maar ook onder alle democratisch gekozen president gewerkt. Ik zag dat gedeputeerden onder Moussa Traore daarna voor de nieuwe politieke partij ADEMA gingen werken en daarna voor de RPM (de partij van de huidige president Ibrahim Boubacar Keïta). Onlangs hoorde ik dat veel RPM-gedeputeerden nu overgaan naar de ASMA, de partij van de huidige eerste minister. Het gaat dus niet om ideologische inhoud en trouw blijven aan een partij maar om persoonlijke loyaliteiten. Dat maakt dat, kortom, politieke partijen slechts lege hulzen zijn waarbij de inhoud van een programma ondergeschikt is aan loyaliteit richting de partijleider of -leiding.
De VN-vredesoperatie MINUSMA heeft zich geïnstalleerd maar wordt ook wel “mission impossible” of “failed mission” genoemd. De Nederlandse militaire bijdrage trekt zich terug. Volgens insiders – lees het boek van Sterk – was dit een poppenkast. Uitstapjes naar Ansongo [ten oosten van de stad Gao aan de rivier de Niger) werden uitgevoerd en het geld voor de veerpont om over de Niger te komen werd per Apache-helikopter gebracht. De belastingbetaler betaalde wel ongeveer 500 miljoen Euro.
Een Nederlandse journalist die Mali ook goed kent zei mij: Misschien hoefde die missie niet te lukken want het ging immers om de goede naam bij de bondgenoten en de zetel in de Veiligheidsraad.

Tot besluit
De Nederlandse regering zou zich moeten schamen. Helaas kan dit niet omdat dit besluit democratisch gedragen wordt. Zoals Sterk in zijn boek zegt: de PvdA de missie en de VVD de JSF. Mali zit met de naweeën. Werkelijke democratie kan alleen maar bereikt worden als iedereen mee mag beslissen. Dit kan niet door middel van een parlement met partijen zonder een werkelijk programma. Wij hebben Afrika gekoloniseerd. Wij hebben de grenzen in 1885 in Berlijn getrokken. Wij hebben deze staten hun onafhankelijkheid gegeven. Wij hebben ons rechtssysteem, ons onderwijssysteem, onze gezondheidszorg en vergeet niet onze christelijke godsdienst opgedrongen. Ook de meerpartijendemocratie is ons exportproduct. Daarom denk ik vaak: Handen af van Afrika. Misschien is de herinvoering van de Partie Unique (eenheidspartij) wel een beter alternatief.

Bookmark the permalink.

Comments are closed.

  • Nu op Africa Web TV