‘Marshallplan’ om legerworm in Afrika te bestrijden

Busani Bafan – IPS. Landen in Zuidelijk Afrika zijn een plan overeengekomen om de verspreiding van de schadelijke legerworm in te dammen en onderzoek te versterken. Door de legerworm is de regionale maisproductie op sommige plaatsen 10 procent gedaald, zeg de VN-Voedsel -en Landbouworganisatie (FAO).

De maisetende worm (Spodoptera frugiperda) werd in 2016 voor het eerst aangetroffen in Centraal- en West-Afrika. Hij werd daarna ook gevonden in Angola, Botswana, Burundi, de Democratische Republiek Congo, Ethiopië, Ghana, Kenia, Malawi, Mozambique, Namibië, Niger, Rwanda, Sierra Leone, Zuid-Afrika, Tanzania, Oeganda, Zambia en Zimbabwe. De maisoogst in die landen leed aanzienlijk onder de worm.

David Phiri, regionaal coördinator voor Zuidelijk Afrika bij de FAO, zegt dat de landen in de regio een regiobrede strategie zijn overeengekomen om de plaag in te dammen. De legerworm brengt niet alleen schade toe aan mais, maar ook aan tientallen andere gewassen, inclusief granen en groente. De strategie houdt onder meer in dat elk land de impact van de plaag op de gewassen gaat onderzoeken en geïntegreerde gewasbescherming gaan toepassen. Bij deze methode, die zich richt op preventie, worden zo weinig mogelijk chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt.

Race tegen de klok
“Legerworm is een bedreiging die niet snel zal verdwijnen”, zegt Phiri. “Afhankelijk van het land is de oogst gedaald met 2 tot 10 procent als gevolg van de schade die de worm aanricht. Dat baart ons zorgen, in een regio die een voedselcrisis achter de rug heeft.”

De legerworm komt oorspronkelijk voor in tropische en subtropische gebieden in Noord- en Zuid-Amerika. Volgens de FAO is het nog te vroeg om te weten welke impact de worm op lange termijn kan hebben op de voedselzekerheid, maar de schade kan potentieel hoog zijn. De strategie, die in de afgelopen maanden is uitgewerkt, moet voorkomen dat de plaag zich verder uitbreidt in het nieuwe landbouwseizoen.

“Terwijl landen onderzoek doen naar hun kwetsbaarheid, is het grootste probleem momenteel het nieuwe seizoen”, zegt Phiri. “De worm zal ook de komende oogst schade toebrengen, omdat we hiervoor nog geen specifiek bestrijdingsmiddel hebben. Het is een race tegen de klok.”

Brazilië
De FAO werkt samen met de regering van Zuid-Afrika bij het onderzoek naar technologie om de plaag te bestrijden. Eerder deze maand sprak de FAO met deskundigen uit Latijns-Amerika om te zien of hun methoden toepasbaar zijn in Afrka. Brazilië geeft jaarlijks naar schatting 600 miljoen dollar uit aan de bestrijding van de legerworm.

“We weten dat geïntegreerde gewasbescherming werkt en dat voor grote bedrijven verstandig gebruik van pesticiden soms de enige mogelijkheid is. Als dat nodig is, moeten we een pesticide inzetten dat effectief is en tegelijkertijd het milieu zo weinig mogelijk belast en niet tot resistentie leidt. Vandaar dat er momenteel zoveel gaande is op het gebied van onderzoek en overleg”, zegt Phiri.

Natuurlijke vijanden
Kerstin Kruger, zoöloog en entomoloog aan de Universiteit van Pretoria, zegt dat er een sterke wetenschappelijke basis nodig is om de recente ontdekking van de legerworm en andere invasieve soorten het hoofd te bieden.

Afrika ten zuiden van de Sahara is zeer afhankelijk van landbouw. Het is tegelijkertijd in economische zin een van de meest kwetsbare regio’s voor het gevaar van invasieve soorten.

Noord- en Zuid-Amerika bestrijden de legerworm al tientallen jaren en hebben een aantal milieuvriendelijke manieren ontwikkeld, variërend van het planten van minder gevoelige maisplanten tot het plaatsen van vallen of de inzet van natuurlijke vijanden.

“Het is heel interessant om uit te zoeken of er plaatselijke natuurlijke vijanden zijn van de verwante inheemse legerworm”, zegt Kruger. “Wespen die parasiteren op de inheemse Afrikaanse legerworm, zijn misschien ook in staat deze invasieve soort te bestrijden.”

Bookmark the permalink.

Comments are closed

  • Nu op Africa Web TV