Nog geen vrije pers in veranderend Ethiopisch medialandschap

James Jeffrey – IPS. Met de komst van KANA TV is Ethiopië een televisiezender rijker. Volgens sommigen een positieve stap op weg naar transformatie van het veel bekritiseerde medialandschap. Maar hoewel er online en op tv meer mogelijk lijkt, bestaan oppositiekranten nog steeds niet in het land.

Het is zaterdagmiddag en in een van de qathuizen in Addis Abeba kauwen mannen en vrouwen op de mild-narcotische plant, terwijl ze gebiologeerd staren naar het televisiescherm. Een Zuid-Koreaanse militair met ontbloot bovenlijf houdt de hand van een jonge vrouw vast en verklaart haar zijn eeuwige liefde – wat vervreemdend – in het Amhaars.

KANA TV, dat alleen in de gemeenschappelijke taal van Ethiopië uitzendt – een noodzaak met tachtig dialecten in het land – is een doorbraak op het gebied van tv-entertainment in Ethiopië. Tientallen jaren was er slechts de saaie Ethiopische staatstelevisie. De komst van KANA is wellicht ook een signaal dat het veelbekritiseerde Ethiopische mediaklimaat aan het veranderen is.

“Kana” betekent zoiets als “smaak”, en deze nieuwe, private tv-zender met een internationale programmering, valt zeker in de smaak bij de 4 miljoen Ethiopiërs die de zender kunnen ontvangen. De eerste uitzending trok op prime time 40 tot 50 procent van de kijkers.

Arabischtalige zenders
“Het is een gigantische operatie”, zegt mede-oprichter Elias Schulze, de enige niet-Ethiopiër onder de 180 personeelsleden. “In het begin kostte het vijftig manuren om een uur na te synchroniseren en we moesten elke dag 200 manuren aan content produceren.”

Tot nu toe heeft KANA 2300 uren aan buitenlandse content nagesynchroniseerd. Een intensieve operatie: eerst werd onderzoek gedaan naar geschikte content, daarna volgden de onderhandelingen en koop, gevolgd door vertaling, nabewerking, kwaliteitscontrole en de uitzending via satelliet.

“Tv was hier saai. Alle kanalen zonden vooral nieuws uit”, zegt een jonge inwoonster van Addis Abeba. “KANA is puur vermaak en dat vinden mensen leuk.”

De Ethiopische Amharen, die het Amhaars als hun oorspronkelijke taal hebben, maken maar ongeveer een kwart van de bevolking van 100 miljoen mensen uit. Uit onderzoek voor de lancering van KANA bleek echter dat 70 procent van tv-kijkers de taal redelijk goed kan volgen.

Dat is een verbetering ten opzichte van de 50 procent die de Arabischtalige satellietzenders, die de tv domineerden in Ethiopië, niet kon volgen.

“Mensen keken daarnaar omdat ze de kwaliteit en verhaallijnen waardeerden”, zegt Hailu Teklehaimanot, een producer en hoofd communicatie bij KANA. “Ons idee was om die kwaliteit begrijpelijk te maken door nasynchronisatie. Daardoor konden we gelijk het personeel trainen om uiteindelijk zelf originele producties te maken.”

Eigen producties
Ongeveer 90 procent van de huidige programmering van KANA bestaat uit buitenlandse series. Het uiteindelijke doel is om 50 procent eigen programma’s te produceren. ‘Masters at Work’ is er daar één van. In de serie worden Ethiopische zangers, dichters, modeontwerpers, fotografen en andere vakmensen geportretteerd. “In de mainstream media bestaat een verhaallijn, zowel nationaal als internationaal, die vertelt over ontwikkeling of het gebrek daaraan op macroniveau”, zegt Teklemaimanot. “Wij laten het andere verhaal zien op microniveau, zodat het jongeren inspireert om nieuwe dingen te proberen.”

Masters at Work portretteerde bijvoorbeeld fotograaf Girma Berta, die zich specialiseert in fotografie met zijn mobiele telefoon, of eenvoudig straatbeelden en het dagelijks leven vastlegt. “De boodschap die ik wil uitdragen is dat je niet bang moet zijn nieuwe dingen te proberen als je geïnteresseerd bent in fotografie”, zegt hij in een interview voor de serie. “Ook adviseer ik ze sociale media op de goede manier te gebruiken om foto’s te delen. Zo kunnen ze hun werk eenvoudig laten zien aan de rest van de wereld. Zo lang je nog geen specifieke eigen stijl ontwikkeld hebt, moet je blijven zoeken.”

Ondanks het aanbod van dergelijke inspiratie, kijken de meeste mensen toch naar KANA voor het amusement, of om even te ontsnappen uit de dagelijkse sleur.

Ethiopische cultuur
Conservatieve critici vinden de buitenlandse soapseries van KANA schadelijk voor de Ethiopische cultuur. Anderen maken zich ook zorgen.

“Ik vind dat EBS veel betere programma’s heeft dan KANA als het gaat om de Ethiopische inheemse bevolking en de bevolking in de diaspora”, zei Mahder Sereke, een inwoner van Addis Abeba, op Twitter. “De soaps van KANA zijn degraderend. Niet voor de Ethiopische cultuur, maar voor de Ethiopische vrouwen, vanwege de onjuiste, negatieve, gendertypering.”

EBS is een particulier mediabedrijf met een hoofdkantoor in de Verenigde Staten, dat zich richt op de wereldwijde Ethiopische kijker. Ethiopië heeft een diaspora van ongeveer 2 miljoen mensen, waarvan er volgens schattingen 250.000 tot een miljoen in de VS wonen.

KANA krijgt ook kritiek omdat de zender de plaatselijke productie zou ondermijnen en kijkers wegkaapt bij andere tv-zenders. Daardoor zouden kunstenaars en creatievelingen uit het land zelf minder mogelijkheden krijgen hun werk te laten zien.

Sociale media
KANA is inmiddels iets van zijn grip op de primetimemarkt kwijtgeraakt. Maar de verschijning van de tv-zender lijkt erop te wijzen dat de Ethiopische televisie op weg is naar een transformatie in goede zin, al gaat die misschien niet zo snel als velen willen.

In het verleden schroomden Ethiopische overheidswoordvoerders niet om uit te leggen dat hervormingen van de media zeker niet te snel doorgevoerd moeten worden, gezien de ontwikkeling van het land.

Maar de overheid lijkt zich nu te realiseren dat het geen voordelen oplevert om private media in te perken, maar dat het een open speelveld geeft aan socialemedia-activisten met hun eigen agenda’s.

“Het probleem is dat veel dingen die mensen als roddel beschouwen als ze ze mondeling horen, wel serieus genomen worden als ze via sociale media worden verspreid”, zegt Lidetu Ayele, oprichter van de oppositiepartij Ethiopische Democratische Partij (EDP), verwijzend naar de invloed van sociale media tijdens protesten in Ethiopië.

En dus, of het nu is uit erkenning van de rechten van Ethiopiërs om niet met de paplepel staatspropaganda ingegoten te krijgen of uit eigenbelang, staat de Ethiopische overheid enige vernieuwing toe in het Ethiopische medialandschap.

Terreurbeschuldigingen
“We kunnen ons niet vinden in de karakterisering dat het Ethiopische medialandschap onderdrukt wordt”, zegt Nazrawi Ghebreselasie, directeur van KANA en mede-oprichter. “Het is waar dat de industrie in het algemeen in de kinderschoenen staat, maar er is een positieve beleidsomgeving en er gaan grote investeringen naar de media.”

Anderen stellen echter dat de komst van een nieuwe amusementszender zoals KANA, niet betekent dat de Ethiopische media vrij spel hebben. Iets wat ook benadrukt wordt door Ethiopische journalisten en bloggers die gearresteerd werden vanwege hun werk, vaak op beschuldiging van terreur.

“Of er sprake is van een vrije pers, hangt af van welke maatstaf je hanteert”, zegt Daniel Berhane, een prominente blogger uit Addis Abeba. “De regering lijkt soepeler om te gaan met online media en tv, maar er zijn nog steeds geen oppositiekranten.”

Ethiopië stond dit jaar in de persvrijheidsindex van Reporters without Borders op de 150ste plaats van 180 landen. De internationale non-profitorganisatie die zich inzet voor persvrijheid, zegt dat het Ethiopische regime systematisch de antiterreurwet gebruikt tegen journalisten.

Tegenstemmen moeten daarom vaak komen van instanties als ESAT, een populaire Ethiopische satellietzender die ook uitzendt vanuit de VS. ESAT is zeer kritisch over de Ethiopische regering en zet zichzelf neer als de stem van degenen die niet kunnen spreken in Ethiopië.

Optimisme
Tot de uitbreidingsplannen van KANA behoort een nieuwsshow, volgens een whiteboard op het kantoor waarop een en ander in groene letters uiteen is gezet.

Of dit nieuwsplatform zich net zoveel redactionele vrijheid kan veroorloven als nieuwszenders die vanuit het buitenland uitzenden, zal moeten blijken.

Toch is er wel enige reden tot optimisme. “Internationaal worden de media in Ethiopië erg negatief neergezet”, zegt Zekarias Sintayehu, hoofdredacteur van de krant Reporter in Addis Abeba. “Het is zeker niet heel eenvoudig om journalist te zijn in Ethiopië, maar niemand kan het vooruitzicht op een beter mediaklimaat in de toekomst ontkennen.

Bookmark the permalink.

Comments are closed.

  • Nu op Africa Web TV