Presidentsverkiezingen in Angola (2)

Aart van der Heide. Twee weken geleden schreef ik over de presidentsverkiezingen in Angola. Dat de kandidaat van de partij aan de macht zou winnen was voor de verkiezingen al zeker. Deze week kwam de officiële uitslag dat João Lourenço van de MPLA met 61% gewonnen heeft. De oppositie heeft hiertegen geprotesteerd.

Ze zijn gisteren – zaterdag – en masse de straat opgegaan. Ook hebben ze een officieel een protest ingediend bij het hooggerechtshof. Iedereen hier weet dat het een uitgemaakte zaak is en dat ook dit protest weinig uitmaakt. Zelf hoop ik dat de nieuwe president voor meer gelijkheid, tegen onderdrukking en haat zal kiezen. Daarbij hoopt iedereen dat zijn vrouw Ana een soort Michelle Obama zal zijn.

Overal vraagt men naar mijn mening. Ik zeg eerlijk dat ik die niet heb want zoals ik eerder al zei dat zou er vervalsing hebben plaatsgevonden dit op zeer intelligente en geraffineerde wijze hebben plaats gevonden. Wel merk ik op dat na mijn bezoek aan de provincie ik overal rust en stabiliteit constateer. Dezer dagen een groot goed want dat is in veel landen niet meer aanwezig te zijn.

Gisteravond zat ik met mijn gasteer ergens in een klein restaurant te eten. De televisie stond aan zoals overal het geval is. Iedere avond volgen we de beelden van de Afrikaanse basketbalwedstrijden. Prachtige beelden.

Ernesto kwam met de mededeling om een volgende keer een aantal bekenden bij elkaar te halen. Angolezen die tijdens de burgeroorlog werkten in de humanitaire sector. Hij had dit idee al met een aantal van hen besproken. Deze groep is behoorlijk groot. Hun ervaringen zijn nooit opgeschreven. Wel hebben ze alle politieke kleuren maar zoals ik al zei dat hun humanitaire veldervaringen tijdens de burgeroorlog geen politiek kleur hebben. Wel hebben deze ervaringen veel met elkaar gemeen. Ze hebben zich ingezet voor hun mede Angolezen. Niemand kan hen deze ervaring ontnemen. Ook ik word
uitgenodigd want kom nog ieder jaar in Angola om deze contacten in stand te houden. Ik heb ook nog veel fotomateriaal uit deze tijd.

Wij westerlingen spreken altijd over armoede en ongelijkheid. Ja deze zijn er hier in overvloed. Het onderzoek dat wij hiernaar gedaan hebben in de dorpen waar we in 2003 hulp verleenden bij de hervestiging van de vluchtelingen toont duidelijk aan dat de toestand nu wel beter is maar nog veel beter kan. In de steden zie ik wel de grote armoede. Hele wijken waar mensen nauwelijks te eten hebben. Natuurlijk groeit hier de misdaad, de prostitutie en de uitbuiting. Gezinnen met veel kinderen. Mannen maar ook vrouwen die verslaafd aan de drank raken. De rijken die zich in hun beschermde compounds of zoals ze hier “condomínios” genoemd worden terug trekken. Ook wij kunnen voor zo’n leven kiezen maar doen dat bewust niet. Waarom niet? We hoeven niet want we hebben de keus eenvoudig doch toch goed te leven.

Tijdens deze overdenkingen lees ik weer het boek van de Leidse hoogleraar Wesseling “Verdeel en Heers: de deling van Afrika”. Hij beschrijft in dit boek hoe Afrika verdeeld werd. Hoe Frankrijk, Engeland, Duitsland, Italië en de Belgische koning Leopold enz. Afrika onder elkaar hebben verdeeld. Diplomatie en militaire veroveringen hebben tot de huidige verdeling geleid. Ook beschrijft hij hoe de slavenhandel veel geld heeft opgebracht. Gelukkig vergeet hij de Arabieren niet. Jammer genoeg schrijft hij heel weinig over het Portugese kolonialisme. Weer wordt in dit boek bevestigd dat alle administratieve talen in Afrika koloniale talen zijn nl. het Engels, Frans en Portugees. Ook in mijn werk en tijdens mijn reizen gebruik ik deze talen want ben de laatste jaren in Malawi, Tanzania, Soedan, Mali, Tsjaad en nu in Angola geweest. Ik realiseer me overduidelijk dat ontwikkelingshulp of samenwerking niet meer is dan het voltooien van het hele koloniale project. Deze week noemde een Angolees Obama nog een dictator. Ik probeerde hem te corrigeren en zei dat Obama een oprechte democraat was die helaas een land diende dat zeker op dit moment een wildkapitalisme voorstaat.

Ik ga door met het werk wat ik nu doe en daarbij krijg ik steun van mijn vele Afrikaanse vrienden. Ik las vanmorgen het mooie artikel in de NRC over Gandhi, King en Mandela van Bas Heijne over de strijd tegen ongelijkheid, onderdrukking en haat. Hun roots liggen buiten Europa. Hun ideeën geven mij kracht en motivatie. Ik als blanke Europeaan ben trots op hen.

Ooit zei ik tegen de Angolese ambassadeur in Nederland dat er een heel grote groep mensen in Angola is die eenvoudig leven, werken en willen dat hun kinderen naar goede scholen kunnen gaan maar ook toegang hebben tot betaalbare gezondheidszorg. Dat zijn mijn vrienden geworden. Voor ons zijn de superrijken of de jetset niet interessant maar we hopen wel dat ze eens onze kant zullen kiezen en ons zullen helpen. Er is dus nog hoop!

Volgende week hoop ik naar Malanje te gaan waar ik Menina hoop te bezoeken. Zij is een nu heel oude Portugese lekenzuster die tijdens de burgeroorlog vele slachtoffers heeft geholpen.

Angola is en blijft een boeiend land met een heel rijke geschiedenis. “A luta continua” maar of de “victória certa” is weet ik niet!

Bookmark the permalink.

Comments are closed

  • Nu op Africa Web TV